Applaus voor jezelf

Als we gewoon weigeren om wie dan ook in onze omgeving onderuit te halen, en juist ons best doen om andere mensen aan te moedigen, veranderen we de cultuur waarin we leven. - John Paul Lintoff in "De wereld veranderen, hoe doe je dat?"

Dat was mijn goede voornemen op 1 januari 2013. En het is verbijsterend goed gelukt. Ik werd een aanmoediger, een waardeerder, een consequent applaudisseerder. Nog steeds word ik elke dag beter in 'met de mantel der liefde bedekken'. Het talent herkennen in het onvermogen. De goede intenties zien voorbij de mislukte resultaten. En ik zag met eigen ogen dat het waar is wat Peter Drucker zegt: uit onze fouten leren we, van onze successen groeien we.

Toch blijf ik één iemand in mijn omgeving regelmatig onderuit halen. Iemand die ik al te dikwijls vergeet aan te moedigen. Van wie ik niet minder dan perfectie en een intense inzet verwacht. Voor wie ik vaak streng en veeleisend ben. Mijzelf. (Wat zal jij blij zijn dat hier eindelijk te lezen, Annelies. Je hebt gelijk.)

De laatste weken ben ik weer beginnen sporten en let ik strak op mijn voeding. Ik wil namelijk mijn lijf weer in model brengen. In een jonger model van mijzelf brengen. Belachelijk, misschien, maar ik wil graag die verandering. En daar, bij het aanpakken van die wens, valt het op.

Want als ik anderen ondersteun bij verandering dan kan ik zo goed mild zijn, waarderen wat goed gaat en supporteren voor kleine stappen. Niet zo voor mijzelf. Ik vind het maar normaal dat ik mij alle lekkere dingen ontzeg. Het is maar normaal dat ik de oefeningen niet in twee reeksen van vijftien met adempauze doe, maar in een lange reeks van dertig. En elke misstap keur ik streng af. Want "wie mooi wil zijn moet pijne lij'n", dat wist mijn betovergrootmoeder al.

Zucht.

En nu ik hier toch mijn schaamlapje verwijder: ik probeer ook al enkele maanden mijn koopgedrag aan te pakken. Sinds begin september houd ik netjes al mijn uitgaven bij. Om meer grip te krijgen op mijn geld, om beter te kiezen waar ik centen aan geef en om minder onbewuste of impulsieve 'lekken' te hebben. En als ik dan wekelijks, en maandelijks, de balans daarvan zit op te maken... man man man. Mijn waarderende basishouding is ver te zoeken.

Waarderen is alles onder ogen zien wat er is, het positieve en het negatieve, zonder oordeel. En dan kiezen om je blik te richten op wat goed gaat. 

Een studie van Marcus Birmingham onderzocht de vraag “Wat doen gelukkige mensen anders?” En het antwoord was niet dat zij de perfecte balans hadden in hun werk/gezin/leven/gezondheid/financiën/familie/passies. Wel dat ze wisten dat balans onmogelijk (en daardoor stresserend) is om te bereiken, en bovendien nogal saai.

Mocht ik een vrouw zijn met de ideale werk-gezin balans, een evenwichtig eetpatroon, een gezonde en consequente dagelijkse routine, was ik dan nog interessant? Als ik alleen kon schrijven over hoe ik slimme beslissingen neem, nooit ruzie maak, nergens in faal en alles altijd alleen maar goed doe, zou u dan nog komen lezen? Erger nog: als ik een heleboel dingen niet meer zou doen uit angst dat ze niet lukken? Als ik nooit meer een gat in mijn hand had, nooit meer een kater na een feest, nooit meer een vlek op mijn ietwat gedemodeerde jurk? Ik denk het niet.

Kantelen in plaats van evenwichtig zijn.

Gelukkige mensen hebben geen perfect evenwicht. Ze kantelen steeds, in de richting van wat op dat moment van belang is. Mooi woord is dat: kantelen. Want kantelen is niet aan de rem trekken. Voortdurend leven 'met de rem op' is uitputtend. "Nee" zeggen is uitputtend. En dingen doen voor de perfectie, in plaats van omdat ze voor jou belangrijk zijn, zou je bijna martelaarschap kunnen noemen.

Je herkent hen die alles voor anderen doen en zichzelf wegcijferen, aan de gekwelde gezichten van de mensen om hen heen. Quote Liz Gilbert (Ja, ik ben haar boek aan het lezen en het is fan-tas-tisch. Later meer daarover.).

Je herkent hen die alles perfect willen doen en hoge eisen aan zichzelf stellen, aan de nervositeit bij de mensen om hen heen.

Gelukkige mensen realiseren zich dus dat perfectie onmogelijk te bereiken is. En dat het niet alleen stresserend is om dat na te streven, maar ook saai en onbevredigend. In plaats daarvan buigen ze in de richting van activiteiten waar ze van genieten en van engagementen die ze betekenisvol vinden.

Geef mij maar ritme in plaats van routine. Want routine is beperkend, onvriendelijk en gedisciplineerd. Als je dan een stap verkeerd zet, als je trager gaat of belaagd wordt, dan heb je gefaald. Nee, dan liever ritme. Ritme zet je in beweging, beweegt met je mee en past als gegoten. I got rhythm.

Ritmisch kantelen en buigen, in mildheid. Niet voortdurend evenwichtig rechtop proberen staan. Vaker uit vrije wil dingen uit balans gooien, en belangrijker nog, dat helemaal oké vinden. Voilà, ik heb mijn voornemen voor 2016 nu al!