Nooit meer kleding-keuzestress met deze vier stappen.

Steve Jobs deed het. Barack Obama doet het. Mark Zuckerberg doet het. En een stoet van designers, sterren en beroemdheden - Vera Wang, Sofia Coppola, Gwyneth Paltrow, Hilary Clinton, Karl Lagerfeld — doen het: ze dragen allemaal elke dag min of meer dezelfde kleren, ondanks het feit dat ze met al hun geld makkelijk langs Fashion Avenue kunnen struinen. (USA today)

Waarom? Waarom kiezen mensen, ondanks alle keuzemogelijkheden, ervoor een 'fashion uniform' te dragen?  Al sinds ik enkele jaren geleden dit artikel las, speel ik met het idee om zo'n werk-uniform te hebben. Een zelfgekozen, uniek 'uniform' dan, op mijn maat. En met wat meer variatie dan elke dag witte zijden blouses en kostuumbroeken.

Waarom is dat zo'n aantrekkelijk idee?

  • Duidelijke identiteit. De rolkragen van Jobs, de grijze T-shirts van Zuckerberg, de sexy jurken van Dita Von Teese, de geknoopte schoolmeisjes-blouses van Sofia Coppola, de blauwe of grijze pakken van Obama. Wars van de trends van het seizoen dragen ze klassieke vormen die passen bij hun lichaam, comfortabel zitten, én eigenheid geven. Ze creëren bewust een kenmerkende 'look', en dat is een slimme strategie. Tijdloos, herkenbaar, uitgekiend.
  • Simpel en tijdsbesparend. Minder beslissingen nemen, minder keuzes maken. Want kiezen kost aandacht en energie (lees ook deze: De kunst van het kiezen). Met een werk-uniform dat altijd min of meer hetzelfde is hoef je niet in alle winkels te gaan zoeken naar hoe de mode bij je past, en niet allerlei outfits uit te proberen. Je kan je energie en creativiteit sparen voor andere dingen. Tenzij het kiezen van je kleding voor jou een waardevolle creatieve activiteit is, komt er zo aandacht vrij voor waardevoller dingen (innoveren, creëren, persoonlijke groei of een deftig ochtendritueel). Dixit Obama: "I don't want to make decisions about what I’m eating or wearing. Because I have too many other decisions to make."
  • Minder keuze hebben zou wel eens een weg kunnen zijn naar meer welzijn. We denken dat keuzevrijheid ons letterlijk bevrijdt, terwijl het ons vaak eerder verlamt. Meer keuzemogelijkheden zorgt voor meer stress en energieverlies. We blijken bovendien minder tevreden over onze gemaakte keuze, als we een keur aan mogelijkheden hadden.

De beste jeansbroek kiezen uit drie soorten bevalt ons beter dan de beste broek kiezen uit vijftien broeken. Zelfs als we in dat laatste geval een betere broek gekozen hebben, zijn we minder tevreden. We worstelen immers met de escalatie van onze verwachtingen: 'Was dit nu de beste keuze? Wat met die skinny variant of die bootcut? Zou zo'n stonewash niet beter bij mij passen en kan ik met mijn lengte niet beter olifantenpijpen aan?" Hoe meer keuzemogelijkheid we hebben, hoe ontevredener we zijn, want hoe hoger onze verwachtingen over de ideale keuze. (luister naar Barry Schwartz voor meer hierover)

  • Nooit meer fout. Een goed uniform zorgt ervoor dat je altijd goed voor de dag komt. Nooit meer het verkeerde aan. Niet stijlvol genoeg, te feestelijk, te jong, te kort, te formeel, te gewoontjes: een slim bedachte universele outfit verlost je van foute kledingskeuzes.

Ik ben overtuigd: ik wil een uniform. Toegegeven, ik  had al jaren min of meer een eigen stijl, maar nu wil ik een stap verder. Naar een herkenbare outfit, die varieert in kleine dingen (kleur, kleine snit-kenmerken) maar over het algemeen gelijk blijft. Met eigenheid. Een 'modesjabloon' dat bij mij en mijn lichaamsbouw past, én dat uitstraalt wat ik wil uitstralen. Een goede mengeling van kracht, eigenzinnigheid, speelsheid, vrouwelijkheid en creativiteit?

Hoe ontwerp je zo'n krachtig eigen uniform?

  1. Onderzoek in welke kleding jij je absoluut op je best voelt. Welke outfit geeft jou het gevoel dat je de hele wereld aankan? Wanneer versterkt je kleding de stemming die jij het liefst wil voelen? Wil je vaker lichtheid ervaren, of juist kracht, schoonheid, speelsheid, durf, creativiteit? Kies voor die kledingstukken die jou precies die gevoelens bezorgen. "Doe de buitenkant" om de gewenste binnenkant te krijgen.
  2. Waar heb je veel van in je kast? Welke kledingstukken kan jij niet laten liggen, waarvan blijk je nu al heel veel stuks te bezitten? Gestreepte T-shirts? Cowboy-laarzen? Jurken? Wat je nu al verzameld hebt toont mooi waar je je graag mee omringt.
  3. Waar ben je jaloers op? Welke outfit die een ander draagt kan jou afgunstig maken? Wanneer denk je 'droeg ik maar zulke kleren'? Die bewondering toont iets van je verlangen, het laat je zien welke uitstraling jij graag meer wil hebben.
  4. Welke stukken vind je fascinerend? Voor welke stukken heb je absoluut een 'tic'? Mooi gesneden pakken? Pencil dresses? Eigenzinnige pumps? Leren jassen? Deze dingen maken je blij: stel je voor dat je die vanaf nu elke dag mocht dragen. Elke dag een mooie sjaal. Elke dag bijzondere prints. Elke dag lange rokken. Elke dag een hoed.

Ik heb 'm. Mijn uniform. Het ontwerp is er, nu ga ik de komende weken mijn collectie opbouwen, om elke ochtend eenvoudig mijn krachtigste outfit aan te kunnen trekken. Zonder teveel keuze, zonder teveel nadenken maar mét de uitstraling die ik wil.